Op het eiland Karpathos (GR), Hotel Appartementen Astron in het stadje Pigadia

Zondag 9 juli

De wekkerradio is ingesteld op 01:45 uur maar al tien minuten daar voor zijn we wakker, klaar om op vakantie te gaan. Voordat de radio begint te spelen druk ik hem uit en stappen we uit bed. Wassen, aankleden, tanden poetsen, de broodjes uit de koelkast in de handbagage en al de bagage naar buiten.

Om tien over een horen we de Ford Transit van mijn vader al. Zoals altijd stipt op tijd want we hadden afgesproken dat we om 01:15 uur wilden vertrekken naar Schiphol. De bagage wordt in de Ford geladen en net voordat ik in wil stappen merk ik dat ik mijn telefoon mis, die ligt binnen nog aan de lader. Net op tijd in de gaten dus.

Even later rijden we Barneveld uit richting Amsterdam. Hoewel er gewerkt wordt aan de snelweg naar Amsterdam hebben we geen enkele minuut oponthoud vanwege het weinig verkeer en arriveren we binnen een uur bij vertrekhal 3 op Schiphol.

Het is nog niet echt heel druk, maar we zijn zeker niet de enigen die zich op dit tijdstip melden bij de incheckbalie. De koffers worden ingecheckt. De zware koffer van Paulette, vanwege de medische bagage, wordt geaccepteerd na controle van de begeleidende brief van de uroloog van het Meander in Amersfoort. Dan lopen we naar de veiligheidscontrole, spannend want de medische conditie van Paulette zal er zeker voor zorgen dat de metaaldetector van de bodyscan alarm zal geven. Vooraf hebben we ons terdege voorbereid, dat valt de douanebeambte op en hij meldt dat hij dat kan waarderen. Wel moeten mijn bergschoenen ook uit.

Voordat Paulette door de bodyscan gaat, meldt ze dat ze verwacht dat ze gefouilleerd moet worden, dat wordt ze ook maar niet op een vervelende manier. Alles wordt in orde gevonden, behalve mijn rugzak, die moet ik open maken. Het blijkt dat ze mijn wandelGPS gezien hebben maar niet weten wat het is. Nadat ik hem te voorschijn gehaald heb mag ik alles weer inpakken en zijn we klaar met de veiligheidscontrole.

Wanneer mijn riem weer in mijn broek zit en ik mijn schoenen weer aan heb, lopen we naar de winkels op Schiphol. Een Trekz Titanium van Aftershockz trekt mijn aandacht. Dit is een koptelefoon die geen speakers heeft die je op of in je oren plaatst maar werkt door de geluidstrillingen door te geven aan het kaakbeen van de drager. Alleen de prijs (€ 130,00) houdt me nog tegen om hem aan te schaffen.

Een poosje later hebben we de winkels wel gezien en sluit Paulette zich aan bij de rij die er staat om koffie en broodjes te bemachtigen. Paulette koopt alleen koffie, want broodjes hebben we van thuis meegenomen. Terwijl de koffie wordt betaald heb ik een zitplaats gevonden.

Een half uur voordat het boarden zou moeten beginnen lopen we naar de gate die wij moeten hebben. Wanneer we daar aankomen moeten we nog wel even wachten, maar het boarden gaat redelijk georganiseerd en verloopt aardig soepel.

Omdat we nog een heel eind moeten rijden naar de Polderbaan, kiezen we pas even voor zes uur het luchtruim. We doden de tijd met lezen, dommelen en het kijken van een spannende film op de smartphone. Ook eten we ons laatste van thuis meegenomen broodje. Na drie uur drie kwartier landen we op het eiland Karpathos. Er staat veel wind, maar de landing wordt na een aanloop met behoorlijke schommelingen keurig vlak afgerond.

Het is hier nu al prachtig weer en lekker warm, alleen merk je daar niet veel van door de harde wind. Terwijl Paulette het toilet bezoekt, trek ik onze koffers van de bagageband. Even later melden we ons bij de gastvrouw van Tui die ons naar de juiste touringcar verwijst.

Wanneer iedereen ingestapt is rijdt de chauffeur ons via de slingerende bergweg naar de hoofdstad van Karpathos: Pigadia. Na enkele hotels daar aangedaan te hebben waar diverse mensen uitstappen, komen we tenslotte aan de rand van het stadje aan bij Hotel Appartments Astron.

Het blijkt dat we nog te vroeg zijn om intrek te nemen in ons appartement, dus drinken we maar een colaatje in het restaurant waar alle deuren wijd open staan om de wind vrij spel te geven.

Na een uurtje is onze kamer gereed en krijgen we de bijbehorende sleutel 324. We moeten wel een paar trappen op, want onze kamer ligt op het hoogste terras van het appartementencomplex. Het is er behoorlijk warm, maar het helpt als we de deuren tegen elkaar open zetten doordat de wind er dan vrij door kan waaien. De kamer bestaat uit een minikeukentje, maar wel met een koelkast, een bureautje, een tweepersoonsbed en een paar stoelen. De badkamer heeft een inloopdouche, toilet en een wastafel. Verder hebben we nog een klein balkon met plastic tuinstoelen.

We pakken onze spullen uit en daarna lopen we naar het centrum van het stadje om onder andere water te kopen. We vinden een grote supermarkt waar we 9 liter water, 3 liter Cola light, oploskoffie, brood en beleg kopen. De flessen passen net in de rugzak, de rest in een plastic tas die je hier nog gratis krijgt. We lopen daarna de tweeënhalve kilometer terug naar ons appartement.

Ons balkonnetje ligt nu voor het grootste gedeelte in de schaduw zodat we het zelf gezette bakje koffie daar drinken. De koffie, gezet met leidingwater blijkt veel te sterk te zijn. Maar verdunnen werkt niet meer, het blijft onsmakelijk. Vanavond maar eens proberen met bronwater. We eten ons brood en spoelen de koffiesmaak weg met bronwater.

We lezen een paar bladzijden, maar al snel komt de vermoeidheid opzetten en leggen we ons een uurtje te rusten op het bed. Als ik genoeg gelegen heb, zet ik onze lichtgewicht stoeltjes in elkaar en klaar op het balkon. Dit zit beter dan de plastic “plak”stoelen van het het hotel.

Om half zes spoelen we ons even af onder de douche, die het trouwens prima doet, en kleden ons dan voor het diner.

We worden deze avond om even voor zes uur met de touringcar opgehaald om ons naar Pigadia te brengen. We zijn uitgenodigd door de gastvrouwen van Tui om een welkomst-informatie-half-uurtje mee te maken. De dames hebben het goed voor elkaar, gratis drankje bij het restaurant, goede, korte en duidelijk verstaanbare presentatie van de mogelijkheden die Tui ons biedt.

Na de presentatie melden we ons als eersten bij een van de dames om een auto te huren. Tui heeft een deal gesloten met Sixt-car-rental, we kunnen nog voor de laagseizoensprijs een Hyundai Atos huren. Dankzij de financiële bijdrage van een lieve vriendin van ons, door mij mijn “schoonmoeder” genoemd, huren we, vanaf dinsdag, een auto voor negen dagen. Zo kunnen we het hele eiland bezoeken zonder een aanslag te hoeven plegen op de broze gezondheid van Paulette.

Dan gaan we op zoek naar een geschikt restaurant aan de boulevard van het stadje. Er is voldoende keus, maar op een gegeven moment hakken we de knoop door en kiezen een tafeltje binnen, maar wel met een heerlijke wind die dwars door het restaurant waait.

We kiezen beiden een salade die meer dan groot genoeg is om te dienen als avondmaaltijd. Na afloop lopen we de kortste weg terug naar ons appartement, want de “pap” is nu wel op bij Paulette.

Terug in onze kamer, zetten we deuren tegen elkaar open om de warmte te verdrijven. Buiten is het lekker afgekoeld door de wind, maar de warmte binnen blijft nog lang hangen.

Ik zet nog een kopje koffie, dit keer met bronwater en minder sterk dan vanmiddag. De poging is geslaagd, het smaakt veel beter dan vanmiddag. Nadat Paulette de koffie op en haar tanden gepoetst heeft, kruipt ze onder het laken en valt prompt in slaap.

Ik schrijf op mijn laptop het verhaal van vandaag. Buiten is het, om half tien, nog niet echt stil vanwege de vele kinderen die nog op mogen blijven. Zo te horen is het merendeel van de gasten hier Nederlanders…

Maandag 10 juli

Vandaag is het onze eerste vakantiedag, want gisteren was het nog weekend. We zijn goed de nacht door gekomen. Paulette is gisteravond gewoon omgevallen en blijven slapen. Ik heb de buitendeur open laten staan voor het beetje tocht dat dan naar binnen kon komen, maar daardoor ben ik wel verscheidene keren wakker geworden. Één keer viel zelfs de deur nog dicht zodat ik mijn sandalen er tussen heb moeten zetten.

We staan op tijd op en zodra ik mijn ochtendgymnastiek gedaan heb en we toonbaar zijn. lopen we naar beneden om te zien wat men hier voor ontbijt serveert. We treffen het, er is nog een tafeltje buiten in de schaduw vrij. Het ontbijt heeft keuze voldoende, voor Paulette is er tomaat en komkommer en voor mij zijn er te veel mogelijkheden.

Na het ontbijt de tanden poetsen en ons kleden voor een wandeling naar het stadje Pigadia. Daar willen we in ieder geval twee badhanddoeken kopen. We smeren ons goed in, want de zon is hier zonder genade.

We lopen naar de haven, waar we een groot schip zien liggen. Het lijkt op een ferry, maar dat is het niet. Wanneer we dichterbij komen zien we dat het een tanker is, waar de tankauto’s van het eiland in/op rijden om als lading benzine of diesel te krijgen. De tankauto’s verdelen de brandstof weer over het eiland.

Vlakbij de haven ligt, iets hoger, het kerkhof. We nemen een stenen trap naar boven en bekijken de begraafplaats en het uitzicht over de stad.

Daarna lopen we door de straten van het stadje op zoek naar de “normale” winkelstraat die iets hoger moet liggen dan het straatje parallel aan de boulevard. Het laagste straatje heeft alleen maar winkels voor ons als toeristen. Het gewone straatje vinden we niet echt, maar we scoren wel twee badhanddoeken. We proberen deze af te rekenen, maar dat lukt niet omdat we kennelijk de verkeerde zaak ingelopen zijn. De handdoeken hingen dus bij de buren…

We zijn er dorstig van geworden, dus gaan we op zoek naar een supermarkt. We lopen onderweg langs een groentekraampje waar we een bak cherrytomaten kopen. In de supermarkt kopen we koude flessen cola, brood en een stoffer-en-blik-setje. Kunnen we straks de marmeren vloer van ons appartement schoon houden.

Op de reling van het hekje om een boom, zitten we heerlijk in de schaduw een flesje leeg te drinken voordat we weer verder gaan. Als we voldoende gezien hebben en bij een groentezaak een komkommer gescoord hebben, kiezen we de route via het strand om langs de waterlijn op onze blote voeten terug te lopen in de richting van ons appartement.

Op een gegeven moment worden we aangesproken door een stel dat op een ligbed onder een parasol zit. Het blijkt de broer van mijn zwager en zijn vrouw te zijn. Aan hun huidskleur is te zien dat ze hier al een paar dagen moeten zijn. We maken even een praatje en lopen dan terug naar de waterlijn want wij staan in de zon en het zand is erg warm aan de blote voeten.

Wanneer we ten slotte op het punt gekomen zijn dat we het strand over moeten steken om weer bij de weg te komen, doen we dat ook op onze blote voeten. Daar hebben we twee minuten later spijt van: het zand is zo heet dat Paulette snel weer omkeert naar het water. Ik gooi mijn sandalen op de grond en ga er bovenop staan. Even later staan we allebei met sissende voetzolen, de voeten onder het zand in onze sandalen op het asfalt.

Terug op ons balkonnetje blijkt het daar te heet te zijn. We kiezen de andere zijde van ons appartement. Daar zetten we onze lichtgewicht stoeltjes neer, snijden het brood en gebruiken de lunch. Na deze maaltijd nemen we het er even van: Paulette legt zich te bedde en ik dommel wat in mijn stoeltje. Na anderhalf uur, hebben we onze siësta gehad en maken we een plan om de strandroute verder naar het noorden af te maken. Het schijnt dat we nog ca. 2,5 km verder hadden kunnen lopen langs de waterlijn, vanaf het punt dat we het strand overstaken.

We lopen dit keer zonder rugzak terug naar het strand en gaan daar noordwaarts. Hoe verder we lopen hoe minder zonaanbidders we vinden op hun ligbedden en onder hun parasols. Als er überhaupt geen ligbedden meer staan passeren we een stuk leeg strand en daarna een stuk strand dat kennelijk gebruikt wordt als naaktstrand. Dat wil zeggen we zien enkele ouderen die aan hun egale kleur te zien, vaker naakt rondlopen in de zon.

Het strand eindigt ten slotte bij een rotswand met een lange stenen trap, die uitnodigend naar boven loopt. Wij haken echter af en zoeken de weg weer op die ons terug moet brengen. Nadat we een stukje de weg gevolgd hebben zie ik een restaurantje waar we even gaan zitten voor een verfrissend drankje.

Aan het einde van de middag, terug op ons balkon, blijken we bijna 15 km gewandeld te hebben, totaal van vanmorgen en vanmiddag. Tijd om even bij te komen met een glas koel helder water. Daarna slaan we aan het lezen tot we het tijd vinden om ons op te frissen en om te kleden voor het avondeten.

Rond zeven uur vertrekken we weer lopend naar het stadje, maar dit keer willen we slechts tot de rand lopen. We hebben daar gisteren een “Taverne” gezien die ons wel leuk lijkt.

Bij de taverne aangekomen, zit er nog niemand, maar ach iemand moet de eerste zijn, dus melden we ons bij de uitbater. De man is erg vriendelijk, spreekt zeer goed Engels, is in Nederland geweest en kent zelfs een paar Nederlandse woorden. Nog voordat we iets besteld hebben staan er twee kleine glaasjes alcoholhoudende drank bevattend, op tafel als welkomstdrankje.

Even later hebben we onze bestelling gedaan en weten ook diverse andere gasten het restaurant te vinden. Het wordt zelfs zo druk dat er mensen zitten te wachten aan de bar totdat wij afgerekend en opgestapt zijn. Wij vertrekken, maar krijgen eerst nog een “toetje” in de vorm van een zelfgebakken stuk koek en een stevige handdruk van onze gastheer.

We lopen de kortste weg, in het schemerdonker, terug naar ons appartement. Er waait nu een klein briesje wat we wel kunnen waarderen, want het is vandaag behoorlijk warm geweest. De wandelGPS heeft vandaag temperaturen gemeten tot 36 graden. In ons appartement blijkt het nog 30 graden te zijn, op ons balkon is het iets koeler, dus drinken we daar onze koffie. Helaas vergeten dat dat met bronwater moet, dus niet te drinken en opnieuw gezet met het juiste water.

Morgen zouden we om 8:30 uur opgehaald worden om ons naar Sixt-autoverhuur te brengen om onze auto op te halen, maar er is een briefje onder de deur door geschoven met de mededeling dat het 9:30 uur gaat worden. Vinden we niet erg.

Het is heerlijk op het balkon, dus slaat Paulette aan het lezen en ik aan het schrijven.

Dinsdag 11 juli

De wekker was gezet op 7:30 uur maar dat blijkt niet nodig te zijn. We hebben allebei best goed geslapen en het weer is nog steeds prachtig.

Nadat het ons weer gelukt is om ons fris en fruitig te maken, begeven we ons naar beneden naar het ontbijt. Het is nog niet erg druk dus kunnen we een tafeltje buiten gebruiken.

Na het ontbijt doden we de tijd met lezen totdat het tijd is om naar de ingang van het complex te lopen. Even na 9:30 uur komt onze huurauto voorrijden met een mopperende chauffeuse die vindt dat onze gastvrouw van Tui het beter anders had kunnen regelen. Het blijkt inderdaad maar een heel klein stukje rijden te zijn, we hadden het makkelijk kunnen lopen en dan hadden we de auto al eerder kunnen ophalen. In het kantoor van Sixt betalen we de autohuur voor negen dagen met onze creditcard. Paulette gaat rijden en ik navigeren, want we hebben alleen een simpele overzichtskaart van het eiland en onze wandelGPS.

Eerst rijden we terug naar ons appartement om onze spullen op te halen. We nemen onze stoeltjes, iets te lezen, de badhanddoeken, water en broodbeleg mee. Aangezien de tank bijna leeg is rijdt Paulette daarna naar het noorden waar we na ca. 1 km een tankstation vinden. We laten er voor €30,00 Euro95 ingieten en rijden dan door naar Aperi. Via o.a. Aperi moeten we het eiland dwars kunnen oversteken, over de bergen, dus met veel haarspeldbochten naar de westkust.

In het dorp parkeren we de auto langs de weg en proberen het pad te vinden dat naar Othos zou moeten gaan. We lopen door de smalle straatjes met de vele traptreden omhoog. Volgens de track in de wandelGPS kruisen we diverse keren de route. We slaan vele keren links en rechts af door de smalle straatjes maar vinden het pad niet. De vele traptreden zijn trouwens toch te zwaar voor Paulette dus komt het niet slecht uit dat we omkeren naar de auto.

We rijden verder omhoog naar Volada. Ook daar parkeren we de auto en gaan op zoek naar brood. Helaas blijkt het brood dat er in de minimarkten te vinden is allemaal gereserveerd te zijn. We keren terug naar de auto en vervolgen onze oversteek door naar Othos te rijden. Dit dorp ligt nog hoog maar wel aan de westzijde van de bergen, de temperatuur ligt hier ca. 5 graden lager dan aan de oostkust. Er waait hier een heerlijke koele wind. We parkeren ook hier de auto, dit keer op een ruime parkeerplaats en lopen een stukje terug naar het punt waar het andere einde van het pad van Aperi naar Othos op de weg moet uitkomen. We willen toch zien of we het vanaf deze kant wel kunnen vinden. Onderweg hoor ik gestommel in een metalen afvalcontainer, wanneer ik er in kijk zie ik een jong katje dat verwoede, maar vergeefse, pogingen doet om uit de container te komen. Het katje is compleet in paniek en als we niets doen dan gaat hij het niet redden. Langs de kant van de weg ligt een oude strijkplank. Ik leg de strijkplank als een loopplank in de container, maar het katje is zo gestrest dat hij alleen maar tegen de metalen wanden van de container springt om er uit te komen. We laten hem verder met rust, want we denken dat onze aanwezigheid het er niet beter op maakt voor het beestje. Ik reken er op dat, wanneer hij gekalmeerd is, hij de weg naar boven via de strijkplank wel zal vinden. We lopen verder en vinden iets verder het begin van het pad naar Aperi. We volgen het met het idee dat we willen zien waar het in Aperi uitkomt. Even later arriveren we bij een kapelletje op de top van een bergrug. Hier vandaan loopt het pad in zig-zag naar beneden naar Aperi en stoppen we met het volgen van het pad. Dit punt geeft ons wel de gelegenheid om de omgeving te filmen tot in de verre omtrek.

We lopen weer terug naar de auto en zien dat het katje uit de container is gekomen. Wanneer we onze route vervolgen laten we het dorpje Piles rechts liggen voor een volgende keer, want we hebben trek en gaan op zoek naar een grotere plaats waar ze wellicht wel brood verkopen.

Aan de westkust vormen zich grote wolken die opgestuwd worden tegen de berghelling, maar zodra de wolken over het hoogste punt komen verdampen de wolken langzaam zodat ze nooit aan de oostkust komen.

Beneden gekomen aan de westkust slaan we af naar het zuiden op weg naar Arkassa. In die plaats vinden we na even zoeken een prima brood en verlaten dan al vrij snel het dorp. Op zoek naar een leuk plekje om te gaan eten.

Ik zie op een gegeven moment langs de kust een bordje met Paleokastro als oudheidkundige bezienswaardigheid. Het weggetje loopt langs de kust dus dirigeer ik Paulette naar de parkeerplaats. Daar vinden we ook een paadje dat ons bij de zee brengt. We installeren ons op het kiezelstrand en gebruiken daar onze lunch. Het waait heerlijk, maar ik merk dat de zon goed zijn best doet en ik bedek mijn niet ingesmeerde benen tegen het verbranden met mijn badhanddoek.

Paulette blijft nog even zitten maar ik ga kijken wat die Paleokastro moet voorstellen. Er loopt wel een pad, maar meer kan ik eigenlijk niet zien. Terug bij Paulette besluiten we samen te kijken waar het pad naar toe loopt, maar eerst brengen we wat van onze spullen naar de auto.

We volgen het pad naar het westen, maar als dan blijkt dat het vrij steil omhoog loopt, haakt Paulette af. Aangezien het Paleokastro niet ver kan zijn besluit ik te gaan kijken zodat ik mijn stijgspieren even kan proberen. Ik stijg slechts een 75 meter, maar in deze warmte is het goed dat Paulette beneden op me wacht. Boven vind ik de resten van een oude nederzetting, ik kan niet meer zien of het een burcht of vesting is geweest, maar de plek zou daarvoor wel ideaal zijn geweest.

Nadat ik het uitzicht op de film heb vastgelegd loop ik weer naar beneden. We nemen de auto en rijden nog een stukje naar het zuiden totdat we de afslag naar het oosten richting Menetes kunnen nemen. Deze route gebruiken we om terug te komen naar Pigadia aan de oostkust. In Pigadia navigeer ik Paulette naar de supermarkt waar we o.a. onze voorraad bronwater aanvullen.

Bijna terug in ons appartement stopt Paulette langs de weg om de twee sneeën brood die over zijn gebleven aan de geiten te voeren. Wij zijn allebei wel even toe aan een glas fris op ons balkon. Ik eet ook nog een bakje yoghurt leeg en ga dan even relaxen.

Na onze siësta nemen we plaats op ons balkon dat nu in de schaduw ligt en waar het een beetje waait. De temperatuur lag hier vandaag rond de 34 graden, onderweg mat de thermometer van de auto op een gegeven moment zelf 36 graden. We drinken een glaasje, eten een nootje en slaan aan het lezen totdat we het tijd vinden om ons te gaan douchen.

Als we geheel gereed en gekleed zijn om te gaan dineren, laten we de auto staan en lopen de 2,5 km naar het stadje. De zon is nu heerlijk en wordt nog steeds vergezeld door een lekker briesje. In de stad kiezen we het restaurant van eergisteren. Dit keer bestellen we echter veel te veel, zodat we aan het einde van de avond met een veel te dikke buik naar ons appartement lopen.

Op het balkon is het heerlijk, binnen is het benauwd, dus de deuren gaan tegen elkaar open en wij drinken nog een bakje koffie op het balkon. Paulette pak haar boek, ik mijn laptop. Ik drink even later nog een glas cola, maar Paulette heeft het wel gehad en klimt in haar bed.

Wanneer mijn verhaal geschreven is ga ik op het internet op zoek naar een leuke wandeling op dit eiland, die ik waarschijnlijk in de loop van de week in mijn eentje zal gaan doen.

Woensdag 12 juli

Vandaag ben ik eerder wakker dan Paulette, want die is nog in diepe rust als ik uit bed stap, maar het duurt niet lang voordat ze er ook uit komt.

Na het ontbijt pakken we onze spullen bij elkaar, want vandaag willen we naar Olympos. Dit ligt hemelsbreed maar 25 km van ons appartement vandaan op het noorden van het eiland. Over de weg door de bergen doen we over de 40 km een uur door de vele (haarspeld)bochten. Om even een break te hebben, stoppen we in Spoa en maken een korte wandeling door het dorpje waar geen auto in kan rijden door de smalle straatjes.

Bij Olympos aangekomen vinden we al snel een plekje op de grote parkeerplaats voor het dorp. We wisten niet dat het zo toeristisch is. De smalle straatjes, ook al niet toegankelijk voor auto’s, staan vol met toeristische winkeltjes en kraampjes en overal proberen mensen je te verleiden om iets bij hen te kopen. We lopen naar het hoogste punt van het dorpje en zitten daar even heerlijk in de wind en zon. Daar besluiten we van hieraf een wandeling te gaan maken, maar dan moeten we eerst nog brood kopen. Bij de ingang van het dorp hebben we twee supermarktjes gezien, dus lopen we weer terug naar beneden. Bij één van de supermarktjes scoren we een mooi rond broodje, beleg hebben we vanuit ons appartement meegenomen. Aangezien het vandaag weer lekker warm is en we de verkoelende wind wel prettig vinden, zoeken we hetzelfde plekje weer op waar we zojuist nog zaten en eten daar ons brood.

Na ons middagmaal heb ik een route uitgestippeld die voor Paulette en mij te doen moet zijn. Althans dat denk ik, maar ik kan op de kaart het hoogteverschil niet helemaal goed inschatten, dus zij zal zelf moeten aangeven als het niet gaat.

We lopen aan de zeezijde van het dorpje naar de oude windmolens. Tussen de windmolens loopt een weggetje naar beneden het dal in. In het dal gaat het weggetje over in een leuk pad dat deels door de bedding van een winterriviertje loopt. Op een gegeven moment zie ik dat we volgens de wandelGPS afwijken van de route, maar aangezien we denken dat we vanzelf weer op de route kunnen komen, houden we ons bij deze route door de bedding. Wel hebben we een “afslag” gemist…

Nadat de bedding een bocht maakt komen we op de geplande route terug en ten slotte ook op de asfaltweg van Avlona naar Olympos. Via deze weg willen we teruglopen naar Olympos omdat het anders te veel wordt voor Paulette. Vanaf de weg zien we op een bepaald moment beneden in het dal het punt waar we verkeerd zijn gelopen, volgende keer beter opletten dus.

Als we het stadje alweer dichterbij zien komen, blijkt mijn geplande route in het water te vallen. Die route loopt naar beneden het dal in en dan net voor het dorpje behoorlijk steil omhoog tot in het centrum. Het alternatief is doorlopen over de asfaltweg, maar die route is wel ca. 2 km langer. Paulette ziet het dalen en stijgen niet meer zitten, dus lopen we de wandeling uit over de weg tot bij de auto.

Ik mag terugrijden, want Paulette is wel een beetje moe van de wandeling. Ik ken de auto niet, maar hoe langer ik rijd deste beter het gaat (vind ik). De koppeling gaat ontzettend zwaar, zodat ik straks een gespierde kuit krijg aan mijn linkerbeen. Van Paulette mag het allemaal wat rustiger, terwijl ik door de vele bochten net een beetje in mijn element kom…

Na een uur rijden we de parkeerplaats bij ons appartement weer op en het valt ons direct op hoe warm het hier nog is. Ik kan me niet voorstellen dat het uren “zonnebaden” zoals veel gasten doen aan het zwembad nog gezond is bij zo’n zon-intensiteit als vandaag.

Wij drinken een glas op ons balkonnetje en doen een poging om wat te lezen. Maar dat lukt bij mij slecht, mijn ogen vallen steeds dicht. Ik ga even liggen voor een powernap. Daarna is het alweer tijd om ons op te gaan frissen voor het diner.

Hoewel we vandaag gewandeld hebben, kiezen we er toch voor om lopend naar de stad te gaan. Ik heb wel zin in een pizza dus gaan we op zoek naar een pizzeria aan de boulevard. We vinden een prima etablissement aan de haven dat al in de schaduw ligt. Dat kan geen kwaad, want de zon is nog steeds heet ook al is het al na zevenen.

Paulette kiest een maaltijdsalade met garnalen en ik geniet van een Calzone op zijn Grieks, daarbij een glas rode wijn en onze avond kan niet meer stuk. We hebben een strategisch tafeltje uitgekozen vooraan de boulevard, zodat we de hele avond mensen kunnen kijken.

Als alles ons gesmaakt heeft, de wijn op is en de rekening betaald, gaan we in het donker weer op zoek naar ons onderkomen voor vannacht.

Op ons balkon nog een bakje koffie. Een plan maken voor morgen en mijn verhaal schrijven onder het genot van een glas cola.

De wind was aan het begin van de avond gaan liggen en het leek erop dat het een warme nacht zou gaan worden. Nu (22:00 uur) steekt er een harde wind op die de warmte snel verdrijft. Paulette gaat zelfs naar binnen omdat ze het te fris vindt op het balkon.

Ik maak mijn verhaal af, zet het online en ga dan ook naar binnen.

Donderdag 13 juli

Om een uur of half acht houd ik het voor gezien in bed. Paulette ligt nog heerlijk te slapen. Ik wil haar niet wakker maken dus moet alles muisstil gebeuren.

Ik maak het balkon leeg, want daar waait het een beetje, de perfecte plaats voor mijn ochtendfitness, ruim onze kamer een beetje op en begin dan aan mijn fitness.

Als het lijf weer gedaan heeft dat ik wilde, ruim ik het balkon weer in en ga naar de badkamer om het toilet te gebruiken. Terwijl ik daar zit wordt Paulette ook wakker.

Na het douchen en aankleden gaan we kijken of we nog een tafeltje buiten kunnen bemachtigen. We zijn later dan de andere ochtenden tot nu toe en dat resulteert erin dat we binnen moeten ontbijten.

Het is al weer lekker warm vanmorgen, dus vraag ik Paulette of we ons bij het plan van vandaag gaan houden: een wandeling van ca. 11 km met een hoogteverschil van ca. 350 meter. Paulette ziet het wel zitten en nadat ze beloofd heeft dat ze op tijd aangeeft wanneer het niet meer wil vind ik het goed dat ze meegaat.

We nemen onze waterzak met drinkslang (zodat de zak niet uit de rugtas hoeft totdat hij leeg is en dus lekker koel blijft) van 1,5 liter water uit de koelkast mee en gaan rond tien uur op onze sandalen op pad richting Pigadia centrum. Ik heb deze route van gpsies.com gedownload en hij lijkt op onze wandelGPS accuraat. Wij zouden zo rond één uur vanmiddag weer terug zijn, dus nemen we geen brood e.d. mee voor onderweg.

De wandeling loopt door de achterste straten van Pigadia (gerekend vanaf de haven) tot waar de heuvel de grens vormt voor de stad. Dan moeten we diverse treden nemen om geheel buiten de stad te komen. Dit deel van de stad is onbereikbaar voor auto’s.

Buiten de stad lopen we even op een weggetje en moeten dan links afslaan de heuvels in. Het pad dat geprojecteerd wordt in de wandelGPS blijkt al een betonnen straatje te zijn geworden dat behoorlijk heftig omhoog loopt. Paulette moest al een paar keer op adem komen tot nu toe, maar antwoordde elke keer positief wanneer ik vroeg of het nog ging. Dit keer geeft ze toe dat het haar niet gaat lukken. We overleggen wat we zullen gaan doen. We waren eigenlijk nog maar net op weg, dus Paulette vindt met gemak de weg terug. Zij gaat wat inkopen doen in de supermarkt en ik ga de route vervolgen. We nemen afscheid al vinden we het geen van beiden een leuke reden.

Na nog een paar minuten de betonnen weg gevolgd te hebben gaat de route over op een smal pad. Dit pad loopt even later door het bos. Dat vind ik niet erg, want ik meet temperaturen van meer dan 40 graden in de zon. Het pad door het bos is relatief eenvoudig te volgen en met behulp van mijn wandelGPS is het sowieso niet moeilijk zo lang er maar wel een pad ligt.

Op een gegeven moment kom ik uit het bos en daalt de route naar de andere kant van de heuvel. Daar staat hoog op een rots een kapelletje waar ik ook maar even ga kijken. Helaas is het uitzicht niet echt spectaculair. Dus daal ik weer af naar de weg die ik wil volgen, maar een blik op het scherm van de GPS wijst uit dat ik toch echt een pad moet hebben in plaats van een weg. Ik zoek een pad, dat ik niet vind en dan daal ik maar door het veld af in de richting waar volgens de GPS het pad zou moeten liggen. Soms zie ik delen van het pad, soms zelfs rode stippen en strepen, maar vaak gok ik maar wat en moet ik later corrigeren om het originele pad weer te vinden. Ik loop een kras op mijn hoofd en meerdere krassen op mijn benen op in de pogingen het pad te volgen.

Uiteindelijk kom ik bij een vreemd gebouw uit dat staat aan de weg waar ik op uit zou moeten komen. Het gebouw kan dienen als openlucht kerk, school of iets dergelijks. Er staan heel veel stenen banken en tafels in rijen uit één stuk beton, maar is nu in ieder geval compleet verlaten. Ik zoek naar een plek waar ik kan afdalen naar de weg, maar die ligt nog steeds zo’n vier meter lager als ik over de rand van de rots kijk. Na wat geploeter blijk ik via de openlucht vertrekken van het vreemde gebouw de weg te kunnen bereiken. Zou ik de route van de andere kant gelopen hebben dan was ik daar nooit opgekomen.

Eindelijk op de weg is de route terug een eitje, want de weg loopt met een boog om de heuvel heen waar ik net overheen gelopen ben. Hij komt uit achter de haven van Pigadia, dus loop ik over bekend terrein het laatste stuk naar ons appartement. Ik had gezegd tegen Paulette dat ik schatte dat ik rond één uur terug zou zijn, en dat moet nu makkelijk lukken.

Paulette heeft boodschappen gedaan voor de lunch, dus zodra ik terug ben kunnen we ook gaan eten, maar eerst trek ik mijn natte spullen uit, want ik heb aardig lopen transpireren.

We eten aan de andere zijde van ons appartement dan het balkon, want daar is schaduw. We besluiten na de lunch naar het strand te lopen om af te koelen in de zee. We zoeken een mooi plekje op de overgang van zand en zee en installeren ons daar. Al snel moeten we afkoeling zoeken in de zee, want het is zelfs hier op het strand met een briesje, maar vol in de zon, erg warm.

Het briesje is soms even een harde wind, op die momenten worden we gezandstraald door het zand dat opwaait.

Het opwarmen en weer afkoelen in de zee herhaalt zich een paar keer. Zo vaak tot we het rond vier uur genoeg vinden. Met het halve strand nog in onze oren, sandalen, kleren, bilspleet en ons haar, gaan we terug, op zoek naar een douche.

Wanneer we van het strand de straat op lopen, zie ik twee dames die ieder een fiets aan de hand meevoeren. Ik maak nog de opmerking tegen Paulette, dat ik het vreemd vind dat als je een fiets hebt dat je dan niet fietst. Ze lopen achter ons aan en daarna horen we ineens een schreeuw. Wanneer we omkijken zien we dat een van de dames onder haar fiets ligt en er niet onderuit komt. We lopen terug en helpen haar op de been. Haar linkervoet wordt echter direct erg dik. Ze kermt het uit en zegt dat ze denkt dat hij gebroken is. We stellen voor dat ze op het zadel van haar fiets klimt zodat we haar kunnen vervoeren. De andere dame blijkt haar dochter te zijn. Vandaag is hun eerste vakantiedag, ze komen van Kreta en spreken goed Engels. Ze verblijven in hetzelfde hotel / appartementencomplex als wij. Paulette en ik rijden haar naar het terras van de receptie en zetten haar daar op een stoel. De gastvrouw komt al op het tafereel af. Gelukkig spreken ze dezelfde taal, dus nadat we geïnformeerd hebben of ze zich kan redden, vervolgen wij onze weg naar ons balkon.

Daar aangekomen hebben we het van het duwen weer lekker warm gekregen dus gaan er eerst wat kledingstukken uit voordat we een paar bladzijden lezen. We schrijven wat berichten en ik begin alvast met het schrijven van mijn verhaal.

Na een uurtje of anderhalf is het tijd om te douchen. Het is nog een hele klus om al het zand uit alle hoeken en gaten te spoelen, maar het lukt. Als we er helemaal klaar voor zijn, lopen we naar de haven waar we bij hetzelfde restaurant als gisteren een tafeltje krijgen. We kiezen allebei een maaltijdsalade, beide zijn zo groot dat we moeite hebben om ze helemaal op te krijgen. Gelukkig zijn ze allebei ook erg lekker.

Het is nog net niet donker wanneer we teruglopen naar ons verblijf voor vannacht, maar de duisternis valt hier zo snel dat het stikdonker is tegen de tijd dat we de sleutel in de deur steken. Dan is het tijd voor een kop koffie, mijn verhaal schrijven, een glas fris en nog wat lezen.

Zaterdag 14 juli

Slecht geslapen vannacht, want de wind is weggebleven, dus de warmte is niet uit ons appartement geblazen. Resultaat: baden in het zweet in bed in plaats van slapen.

Wanneer ik uit bed stap, ligt Paulette nog te slapen, maar al snel is ze ook wakker. Ik neem mijn positie weer in op ons balkon en Paulette stapt onder de douche. Als ik mijn oefeningen gedaan heb stap ik er ook onder. Daarna kleden we ons aan en gaan naar het restaurant voor ons ontbijt.

Ik neem het er goed van deze keer, want vandaag is de generale repetitie voor de beklimming van de hoogste berg van van dit eiland. Voor mezelf heb ik een route uitgestippeld van ons appartement naar Aperi in de bergen en weer terug via de berg die aan het einde van het strand opdoemt in het noorden. Het zou ongeveer 18 km moeten zijn. Het enige probleem is de warmte, het is vandaag al weer snik heet. De verwachting is dat het vandaag nog warmer wordt dan gisteren en toen tikte de meter de 38 aan.

Ik neem anderhalve liter koud water mee, een bekertje yoghurt, een nectarine, een blikje tonijn, een bakje salade en een pak soepstengels. Van de honger zal ik niet omkomen schat ik.

Om kwart voor tien ga ik op pad, in korte broek, hemd, wandelsokken, hoge bergschoenen en met een volle rugzak. Daarin het voedsel, teenslippers, de filmcamera, mijn tasje met geld, paspoort en zakmes. Aan mijn riem bungelt in zijn foedraal de wandelGPS met daarin de getekende route. Op mijn hoofd mijn favoriete pet uit Dubai. Het enige dat nog ontbreekt is brood. Voor de zekerheid loop ik naar de strandweg en sla niet links af volgens de route maar rechts om brood te kopen, want ik weet niet of dat onderweg nog lukt. Daarna keer ik om en loop een stukje naar het noorden om al snel weer links af te slaan een onverharde weg in die al direct omhoog loopt. Het wordt een pittig tochtje merk ik nu al.

Ik probeer elk kwartier een paar slokken te drinken. De slang van de waterzak wordt heet, zodat alle eerste slokken water warm zijn, maar daarna komt het koele water gelukkig. Om elf uur meld ik me bij Paulette zoals afgesproken door een WhatsApp-berichtje te sturen. Om even na twaalf uur kan ik haar melden dat ik in Aperi ben beland. Net voordat ik in Aperi aankwam zag ik de route die we van de week aan het zoeken waren om naar Volada te wandelen en die we vanuit Volada wel een stuk gevolgd hebben. We hadden net een twintig meter verder moeten lopen om hem te kunnen zien.

De tocht was niet echt spectaculair qua uitzicht of route, maar heftig genoeg vanwege het hoogteverschil in combinatie met de hoge temperatuur. De wandelGPS heeft tot nu toe een maximale hoogte van 300 m en een hoogste temperatuur van 41,8 graden geregistreerd.

Ik neem plaats op de treden van de trap naar de apotheek die op de hoek van de ingang naar de vele trappen van de dorpsstraatjes in staat en de asfaltweg door het dorp. Er staat daar een beetje wind en ik zit heerlijk in de schaduw. Desondanks komt het water uit elke porie van mijn huid. Een half uur later ben ik iets afgekoeld en is de salade en het grootste deel van het brood op. Ik ga weer verder, nu hoofdzakelijk bergafwaarts (hoop ik). Het eerste deel is weer net als 99% van de hele heenweg over onverharde wegen, maar dan buigt de route af en moet ik een erg smal spoor door de lage begroeiing volgen. Zo te zien tot aan de zee, maar die is nog slechts in de verte te zien. Het spoor is moeilijk te volgen, maar gelukkig heb ik het getekende spoor in de wandelGPS ook nog. Het spoor blijft lastig te volgen, maar het wordt nog erger als ik de lage begroeiing achter me laat en het echt rotsachtig wordt. Ik loop constant te zoeken naar de juiste richting om kloven en afgronden te omzeilen en dat is niet leuk als je al heel wat kilometers er op hebt zitten met 38+ graden. Ten slotte kom ik vrijwel heelhuids op de berg die zich aan het einde van het strand in noordelijke richting bevindt. Het spoor is nog steeds lastig te volgen en de hoogte van deze berg valt me tegen. Ik moet vanaf bijna 300 meter afdalen naar zeeniveau over een steil pad dat regelmatig weggeslagen is door erosie. Ik merk dat ik de “15:00 uur terug bij Paulette” bij lange na niet ga redden dus meld ik waar ik ben op het moment dat ik op het strand sta. Paulette stelt voor om elkaar op het strand te ontmoeten, ik vind het een goed idee, maar meld dat het nog wel even kan duren voordat ik er ben. Ik ben namelijk helemaal op van het afdalen, het zoeken naar het pad en de hoge temperatuur. Ik zoek een plekje in de schaduw en eet daar mijn bekertje yoghurt leeg. Ik loop daarna weer een stuk verder over het strand langs de waterlijn. Als ik het stenige gedeelte van het strand gepasseerd ben, trek ik mijn bergschoenen en sokken uit en verwissel deze door mijn teenslippers. Die gaan even later ook uit omdat het lekkerder is om met mijn blote voeten door het water te lopen. Wordt het bloed uit de krassen op mijn benen ook gelijk weggespoeld, dat ziet er meteen beter uit.

Het is nog een paar kilometer voordat ik Paulette zie staan. Onderweg heb ik mijn zakken al leeggemaakt en mijn horloge en armband af gedaan. Ik geef Paulette een kus en laat me dan in het water vallen. Ik ben blij dat ik het gehaald heb, maar nu eerst afkoelen, afkoelen en afkoelen.

Eén ding is zeker het moet een stukje minder warm worden de komende dagen wil ik de “Kale Limne” gaan beklimmen.

We zwemmen een beetje, praten elkaar bij, zitten een poosje op het strand, ik eet mijn nectarine op, ik spring nog een keer met mijn kleren aan in de zee en gaan dan kletsnat op weg naar ons appartement. Alleen mijn broeken zijn nog nat als we terug zijn. Mijn hemd heb ik weggegooid want die heeft afgedaan na deze wandeling.

Ik fris me even op onder de douche, maar ik merk dat ik nog niet de oude ben. Ik móét even liggen. Paulette maakt me een half uurtje later wakker, want we zouden nog boodschappen doen. Ik kleed me luchtig en dan gaan we met de auto naar de supermarkt in het centrum van Pigadia. We doen onze inkopen en ik koop een bekertje ijs dat ik in de auto leeglepel.

Onze voorraad is weer aangevuld en we besluiten straks, als het minder warm is, hier in de buurt te gaan dineren. Om zeven uur ga ik me schoon schrobben onder de douche en omstreeks half acht gaan we op zoek naar een restaurant in de buurt. We zien een gezellig aandoend restaurant en plaatsen onze bestelling. Het eten is prima maar de bediening en timing niet. Terwijl we nog met ons voorgerecht bezig zijn, halen ze onze borden weg en krijgen we ons hoofdgerecht.

Verder worden we gek van de vliegen die ons lastig vallen tijdens het, gelukkig wel lekkere, eten. We zitten niet op ons gemak, dus nadat we genoeg gegeten hebben en het met de drank gedaan is stappen we op. De rekening wordt betaald met een minimale fooi door afronding en Paulette legt uit waarom dat is.

We drinken even later een kop koffie op ons balkon, waar het lekker begint te waaien. Daarna nog een glas cola terwijl Paulette bezig is met haar telefoon en ik mijn verhaal schrijf.

Ik blijk trouwens ruim 20 km afgelegd te hebben vertelt mijn wandelGPS net. Tijdens die 20 km heb ik 770 meter geklommen en dus ook weer gedaald.

Zaterdag 15 juli

Na prima geslapen te hebben met de buitendeur wagenwijd open om voldoende frisse lucht binnen te krijgen staan we rond acht uur op en zitten even later buiten aan het ontbijt. Hoewel het prachtig weer is lijkt het toch niet zo warm te zijn als gisteren.

Vandaag willen we zien waar de wandeling naar de hoogste berg van Karpathos begint, dat wil zeggen zoals ik hem gepland heb. Net voor het plaatsje Lefkos zou een strand moeten zijn waar geparkeerd kan worden en waar een gemarkeerde route begint met als doel het bergdorpje Lastos. In dit dorpje moet dan weer het vervolg te vinden zijn naar de top van de Kale Limne.

We rijden via de bergdorpen Aperi, Volada, Othos en Piles naar de westkust en twijfelen dan of we wel voldoende benzine hebben voor de terugweg. Ik denk van wel, want we maken hier niet zoveel kilometers, maar om straks toch zonder te komen zitten lijkt ook mij niet gewenst. Er zijn op het hele eiland maar vier tankstations dus nemen we het zekere voor het onzekere en rijden aan de kust niet rechtstreeks naar Lefkos maar eerst via Arkassa naar het dichtstbijzijnde tankstation. Voor €30,00 laten we de tankbediende de voorraad aanvullen, het brandstofpeil staat dan op ½, voorlopig voldoende.

We rijden via Arkassa terug en dan door naar Kato Lefkos of te wel Lefkos aan zee. Onderweg ontdekken we het begin van de volgende bergtocht, dus dat is ook geregeld.

Net voor het plaatsje parkeren we de auto en lopen dan door naar het centrum van zonneaanbidders. We lopen het hoofdstrand voorbij en komen dan op een zandweg boven het strand vervolg. Nadat we het naaktstrand bovenlangs gepasseerd zijn lijkt er een stuk van het zandpad weggeslagen. We bekijken de situatie en denken dat het pad aan de andere kant gewoon doorloopt dus klauteren we langs de door de natuur gevormde kalkmuur om het weggeslagen deel te overbruggen. Dit lukt zonder problemen, maar het pad blijkt iets verder gewoon op te houden. We lopen dus weer terug, klauteren weer langs de kalkmuur terug op het pad en lopen dat een stuk terug.

Paulette denkt een pad te zien dat we als alternatief zouden kunnen nemen. Ik raadpleeg de wandelGPS en denk dat ze weleens gelijk kan hebben. We proberen het pad en komen precies uit waar we hadden willen komen met het andere pad. Vandaar maken we een ronde tot de eerste huizen van Lefkos (niet aan zee) en buigen dan weer af naar de zee. Dit keer niet via brede onverharde wegen, maar via een onvervalst bergpad van ca. 30 cm breed. Onderweg worden we nog langs een Romeinse kelder geleid dat gemarkeerd is als authentieke archeologie. Wij wagen ons er niet in alhoewel de kelder wel gestut is met modern steigermateriaal.

Even later vervolgen we ons paadje en komen pas weer mensen tegen, sinds het kiezen van het alternatieve pad, op het moment dat we op de asfaltweg rond het strand aankomen. We lopen een minimarkt binnen en kopen een brood. Dan zoeken we een geschikte plek om te picknicken. Die vinden we op de kademuur in de schaduw van een paar bomen. Het beleg hadden we al in de rugzak zitten.

Na de maaltijd wil Paulette nog even langs het strandje teruglopen met de voeten in het water. Ik houd mijn voeten liever droog en loop over het strand met haar mee. Er blijkt maar één douche op het strand te zijn, dus lopen we over de weg weer terug om Paulette d’r voeten af te kunnen laten spoelen. De douche blijkt helemaal niet aangesloten!

We lopen dan maar gewoon terug naar de auto. Het eerste stukje rijdt Paulette, maar ze is zo moe dat ze het beter vindt dat ik ga rijden. De wandeling duurde dan ook ruim twee uur, dus meer dan genoeg voor haar op een dag. Van te voren had ik al wel gezien dat er weinig hoogteverschil zat in de wandelroute maar toch.

Dus rijd ik ons in ongeveer drie kwartier terug naar ons appartement. Daar is het tijd voor een glas fris. Ik probeer wat te lezen, maar mijn ogen vallen steeds dicht. Ik doe even een powernap en daarna lukt het lezen weer.

Al snel is het tijd om te douchen, daarna lopen we naar het centrum van de stad om te dineren. We genieten van het eten, het mensen-kijken en van elkaar en na het verplichte glaasje Ouzo verlaten we het restaurant.

Na een half uurtje lopen, bereiken we in het donker ons appartement en drinken een kop koffie op ons balkon. Ik schrijf weer een stuk aan mijn verhaal en Paulette is druk in de weer met haar telefoon.

Zondag 16 juli

Even na acht uur laten we onze ruggen met rust en ruim een half uur later zitten we aan het ontbijt. Hoewel we het idee hebben dat er op het moment meer gasten verblijven in dit hotel en appartementen dan vorige week, kunnen we toch een tafeltje buiten bemachtigen.

Paulette wil graag dat ik kijk of we nog een relatief vlakke wandeling kunnen maken vandaag, dus zodra het ontbijt achter de kiezen is, start ik de laptop op en bekijk de open source topografische kaart van Karpathos. Ik kies het zuidelijke deel bij de luchthaven, daar is het niet hoger dan 200 m. dus moet er iets te vinden zijn.

Even later is Paulette al onderweg naar de minimarkt voor een brood, terwijl ik onze papieren landkaart zoek, helaas tevergeefs. Ik neem de auto en rijd naar de minimarkt. Paulette heeft een meergranen brood gescoord, straks maar eens proeven hoe die smaakt.

Paulette neem het stuur over en ik navigeer haar achter de stad langs naar het bergdorp Menetes, daar vandaan rijden we door naar Arkassa. In dit dorp slaan we af naar het zuiden en parkeren ten slotte de auto op het meest zuidwestelijke puntje van het eiland.

We pakken de rugzak met daarin onder andere onze waterzak met anderhalve liter water en gaan op pad via een onverharde weg richting het zuidoosten, dus langs de kust.

We passeren op een gegeven moment een baai waar driftig wordt gewindsurft en gekitesurft. Dat moet vandaag prima lukken want er staat een harde wind aan de kust. Er is een camping, waar voornamelijk campers staan, maar dan ook overal vandaan: Duitsland, Frankrijk, Slovenië, Slowakije, enz.

We lopen verder en komen dan redelijk in de buurt van het einde van de startbaan van de luchthaven. Daar start net een vliegtuig, dat met donderend geraas over ons heen vliegt. Al snel hierna buigen we van de kust af het binnenland in. De topografische kaart in de wandelGPS heeft minder onverharde wegen dan er in werkelijkheid zijn, zodat we op een gegeven moment op een andere weg lopen dan we hadden moeten lopen. Na wat verschillende weggetjes genomen te hebben komen we bij een klein zonnepanelenveld waarachter we onze oorspronkelijke route terugvinden. Ik denk niet dat we omgelopen zijn, maar het is wel prettiger om de geplande route weer te kunnen volgen.

We passeren even later nog twee van die zonnepanelenvelden.

Na een kilometer of tien begint Paulette moe te worden en hoewel we samen bedacht hadden dat we na afronding van de wandeling zouden eten, komen we er nu achter dat we beter alles, inclusief onze stoeltjes mee hadden kunnen nemen onderweg. Nu pauzeren we even op een grote steen, maar schaduw is hier niet te vinden.

Na ruim drie uren wandelen zijn we terug bij de auto, die nu omringd is door vele andere auto’s. Het restaurant hier vlakbij is goed gevuld en beneden aan het strand is het ook gezellig druk. Wij kiezen een natuurlijke rotsachtige overkapping, die ons schaduw geeft. We zetten onze stoeltjes neer en terwijl we ons brood eten, genieten we van het uitzicht op de mensen beneden aan het strand.

Wanneer we uitgegeten en gekeken zijn, pakken we onze spullen weer op en rijden terug naar Pigadia. Bij de supermarkt parkeer ik de auto en wanneer we uitstappen merken we hoe warm het hier is. Door de harde wind hebben we tot nu toe geen last gehad van de warmte. We kopen flessen bronwater en ander vocht in blikjes verpakt en rijden dan terug naar ons appartement.

Daar drinken we eerst een glaasje op ons balkon en ik ga voor het eerst deze vakantie even zwemmen in het zwembad. Daarna nog even wat lezen en ondertussen de kaart downloaden van Griekenland voor de navigatieapp Sygic, want morgen ga ik alleen op pad met de auto.

Tegen zeven uur gaan we lopend op weg naar de stad voor ons diner, nadat we ons gedoucht en voor de gelegenheid geschikt gekleed zijn. Paulette gaat vandaag haar record kilometers wandelen verbreken denk ik, want ik heb voorgesteld om met de auto te gaan.

We nemen plaats aan een tafeltje bij ons favoriete Italiaanse restaurant Ciao en nemen het er weer goed van. Helaas stroomt er vloeistof onder het deksel van een rioolput over de weg iets verderop. Dit geeft af en toe door de wind een nare stank en daar zit niemand op te wachten als hij of zij zit te eten. Ik heb pasta besteld want voor morgen heb ik het plan gemaakt om de hoogste berg van het eiland te beklimmen, dan kan ik wel wat energiereserve gebruiken.

Terug op ons balkonnetje drinken we nog een bakje koffie en een glaasje fris. Paulette is druk in de weer met haar telefoon en af en toe leest ze een paar bladzijden van haar boek. Ik schrijf mijn verhaal en bekijk de route voor morgen voor de auto en om te wandelen.

Hoewel de autoroute korter is via Aperi kies ik er toch voor om morgen over Menetes te rijden. Via die route gebruik ik bredere wegen en minder bebouwde kom. De wandelGPS bereid ik voor door de geplande route en voor de zekerheid een alternatieve naar de top van de Kale Limne zichtbaar te maken op de digitale kaart.

Vanavond wordt het niet laat, want morgen staan we rond kwart voor zeven op, zodat ik rond acht uur op weg kan. Ik schat dat ik zo’n 10 uren nodig heb van het moment dat ik wegrijd tot het tijdstip dat ik de auto hier weer parkeer.

Maandag 17 juli

Vanmorgen staan we volgens planning om 6:45 uur op, zitten dus ook op tijd aan het ontbijt zodat ik nog voor acht uur op weg ga. Eerst naar de minimarkt om de hoek, om broodjes te kopen. Om 8:05 uur rijd ik via Menetes naar Arkasa aan de westkust en dan door naar Adia Beach dus richting Lefkos in het noorden. Bij Adia Beach parkeer ik de auto, trek mijn bergkousen en -schoenen aan en ga om 8:45 uur naar boven de kloof in. Even na negen uur heb ik twee andere wandelaars ingehaald die op sandalen lopen, ben ik de kloof uit en heb de eerste steenbok gespot.

Na de kloof, waar het pad behoorlijk heftig omhoog loopt, kom ik in het bos op een pad dat natuurlijk ook omhoog loopt maar met een plezieriger stijgingspercentage. En in de schaduw dus relatief koel (28 graden).

Ik ben begonnen langs de noordelijke rotspartij van de kloof en stap even later op een andere berg Alles nog steeds op een smal pad dat redelijk aangegeven is met rode verfstippen. Na een uur klimmen wordt het uitzicht naar achteren steeds mooier, voor me zie ik alleen maar een gigantische berg en meestal het verloop van het pad naar boven.

Op een gegeven moment kom ik op een vreemd klein plateau gevormd door het samenkomen van drie bergen, dat er idyllisch uitziet met zijn bomen en groene bodembedekking.

Sommige stukken moet ik echt klauteren, dat wil zeggen met alle handen en voeten die ik heb. Andere stukken lopen weer meer door het bos, wat in ieder geval koeler is.

Om kwart over tien loop ik langs een verlaten huisje. Geen wonder dat het verlaten is, want je zal hier maar je boter vergeten zijn…

Rond half elf kom ik uit op de onverharde weg naar het bergdorpje Lastos en moet ik dus opletten dat ik de “afslag” naar de route “linksom om de berg” niet mis. Bij een serie bijenkasten zie ik op tijd de route die linksom gaat en krijg ik weer een pittig stijgend pad voor mijn kiezen. De route linksom is niet steeds duidelijk zodat ik nogal eens mijn wandelGPS moet raadplegen om de route terug te vinden. Omstreeks half twaalf begint mijn geklauter naar de eigenlijke top en nu blijkt dat ik niet de eenvoudigste route gekozen heb. Daar had ik al een beetje op gerekend, maar dat het zo heftig zou worden… Een kudde schapen kiest het hazenpad als ze mij zien, of misschien is het wel hun eigen pad.

Om twaalf uur móét ik even rusten, mijn stijgspieren weigeren anders dienst. Maar om kwart voor één ben ik dan eindelijk boven! Helemaal in mijn eentje, dus kan ik op mijn gemak filmen. Maar lang duurt het niet, want vijf minuten later komen er twee mannen uit Zwitserland en een stel uit Denemarken de berg op, allen via route vanuit het bergdorpje Lastos. Even later komen er uit dezelfde richting ook nog twee Duitsers op de top. Niemand, behalve ik, heeft dus de hele berg beklommen. De Denen, een echtpaar, loopt op sandalen, dus daaruit blijkt dat het verstandig is om straks via de Lastos-route af te dalen.

Ik vind een mooie grote platte rots en gebruik deze als zetel tijdens het eten van mijn broodjes. Om half een begin ik aan de afdaling. De Denen zijn al een kwartiertje eerder gegaan, de rest is nog boven.

Op een gegeven moment hoor ik het gezoem van honderden bijen of wespen, althans dat dacht ik, want nu zie ik dat het een drone is van een van de vier die nog boven zijn. Waarschijnlijk is deze drone nu het hele tafereel aan het filmen. De techniek staat weer voor niets.

Even later haal ik de Denen in, die spijt hebben dat ze hun bergschoenen thuis hebben gelaten. Het was hun bedoeling om een luie vakantie aan het strand te houden, maar dat beviel niet, vandaar de bergtocht op sandalen, vertelt zij mij.

Ik daal gestaag verder en zie dan het bergdorpje Lastos liggen. Dit dorp ligt op ca. 700 m. dus de anderen hebben minimaal zeven honderd meter minder geklommen dan ik. Voor het dorpje buig ik af naar rechts, richting het westen, om verderop bij de bijenkasten terug te komen op de route van de heenweg.

Ook het dalen gaat mij niet in de koude kleren zitten, dus moet ik om half vier even zitten om te rusten. Ik gebruik de tijd om mijn nectarine op te eten, die dan extra extra lekker smaakt!

Dan weer verder met dalen, gelukkig zie ik de zee af en toe al opdoemen tussen de bomen. Om half vijf ben ik weer terug op het strand. Ik heb mezelf een ijsje beloofd, dus loop ik naar het dichtstbijzijnde restaurant en vraag de tandenloze beheerder of hij ijs heeft. Tot mijn grote teleurstelling heeft hij dat niet in huis.

Ik loop dan naar de auto en verruil mijn bergschoenen voor mijn teenslippers. En fijn dat mijn voeten dat vinden!

Ik rijd terug naar Arkasa, parkeer de auto en loop naar de supermarkt. In zie geen ijsjes dus koop ik maar een ijskoude cola light. Buiten zie ik vrieskisten staan met daarin diverse soorten ijs! Ik kies een Mars Icecream en reken hem binnen af. De Mars smelt waar ik bij sta, maar gelukkig kan ik snel eten…

Ik rijd weer terug via Menetes en gebruik daar voor mijn smartphone met de navigatie-app Sygic. Deze app gebruikt offline kaarten, dus geen gedoe met internetverbinding en dergelijke.

Om half zes parkeer ik de auto bij het appartementencomplex, moe maar voldaan. Gelukkig niet zo moe als na de laatste solowandeling hier, maar het was vandaag dan ook veel minder warm.

Even bijpraten op ons balkon, even een glaasje drinken en dan onder de douche, want van zo’n dag klimmen en zweten wordt je niet echt schoner.

Daarna klim ik op bed en relax even totdat we ons moeten gaan kleden voor het diner.

Om zeven uur gaan we lopend naar een restaurant, maar wel eentje hier in de buurt.

Hier vlakbij is een watertappunt waar de lokale bevolking driftig gebruik van maakt. Ik zie nu twee Nederlandse jongeren daar ook water halen. Ik vraag of ze dit gebruiken als drinkwater. Zij blijken het al een paar dagen daarvoor te gebruiken, zonder problemen. En het smaakt ook heel neutraal, weten ze te vertellen.

Ik ben verbaast hoe makkelijk ik weer loop. Als ik de gang maar heb, maar ja dat zij die boer ook en die zat op een dood varken. We vinden een geschikt restaurant net om de hoek, gloednieuw en met aandacht aangekleed.

We zijn zeer tevreden over hetgeen we voorgeschoteld krijgen en laten dat dan ook zien in onze “fooi”. Daarna lopen we het stukje terug en drinken nog een kopje koffie op het balkon. Paulette verhoogd de feestvreugde door er een stukje chocolade bij te presenteren.

Ik schrijf mijn verhaal, Paulette leest haar boek, en we drinken nog een glaasje fris tot het verhaal tot nu toe geschreven is.

Dinsdag 18 juli

Vandaag slapen we uit want we hebben geen specifiek plan en dus ook geen haast.

Na het ontbijt willen we samen een wandeling gaan maken, maar dan moet er wel een geschikte gevonden worden. Dat wil zeggen niet te lang en niet teveel hoogteverschil.

Ik maak een route vanuit Mesochori aan de westkust en zet deze over naar de wandelGPS.

Wanneer we met onze huurauto wegrijden doen we het deze keer met de Sygic-app. Deze app brengt ons zonder problemen naar Mesochori. Maar eerst kopen we op de hoek nog een paar broodjes voor onze lunch. Onderweg valt het ons op dat het hele noorden van Karpathos onder een grote deken van wolken is verdwenen. We hebben de afgelopen dagen wel vaker een wolkje gezien, maar als je dit ziet denk je dat het ieder moment begint te regenen. Aan de westkust ziet het er iets vriendelijker uit, maar ook daar is de temperatuur getemperd door de wolken. Alleen heeft men er hier minder last van omdat de wolken op zee ontstaan en dan op het land steeds voller worden.

Paulette parkeert de auto boven in het dorp en daarna beginnen we direct aan onze geplande wandeling. Het is een leuke wandeling die loopt via kleine paadjes en onverharde weggetjes. Alleen is het hoogteverschil een beetje vertekend, omdat we regelmatig stijgen en dalen terwijl we zouden moeten dalen en stijgen. Na twee uur en drie kwartier zijn we weer terug in het dorp en vinden de auto terug. Ik haal de lichtgewicht stoeltjes uit de auto en Paulette zoekt een plekje op met schaduw.

Even later zitten we prinsheerlijk in de schaduw te lunchen. Voor Paulette was het vele stijgen en dalen, ondanks het relatief weinig hoogteverschil net zwaar genoeg.

Na de lunch rijd ik daarom maar terug, onderweg valt ze spontaan in slaap. In een half uur rijd ik terug naar Pigadia waar we op de hoek nog even een fles koude cola kopen. We drinken er op ons balkon een glaasje van en besluiten dan een poosje bij het zwembad te gaan zitten.

Er is hier zoveel zon, dat we een plekje onder een olijfboom kiezen. We gaan eerst even zwemmen want we hebben het hele zwembad voor onszelf alleen. Door de harde wind is het wel even fris als we uit het water komen, maar daarna kan ik de schaduw wel waarderen. Paulette zoekt af en toe toch de zon op om “op te warmen”.

Na een poosje gelezen te hebben op de ligbedden begint het aardig druk te worden op en rond het zwembad en keren wij terug naar ons balkon. Daar zitten we nog even maar gaan daarna ons gereedmaken voor de gang naar de stad. We willen namelijk nog wat inkopen doen voordat we gaan eten.

In de stad vinden we de sponzen die we voor een vriend mee zouden nemen en voor mijzelf koop ik nieuwe teenslippers. Daarna zoeken we één van onze bekende restaurants op. We twijfelen of we buiten of binnen gaan zitten. We kiezen voor buiten, het is niet erg warm vanavond, maar verwachten dat als de wind gaat liggen het nog wel lekker is.

Het is vrij druk bij dit restaurant, maar dat ontstaat nadat wij onze bestelling al hebben gekregen. Alleen wanneer we willen betalen moeten we lang wachten op de rekening, alsof ze ons geld niet willen hebben. De wind is niet gaan liggen, dus krijgt Paulette het koud. De ouzo “van het huis” doet dan gelukkig haar temperatuur wat stijgen, ik kan dat vocht nog steeds niet waarderen.

Onderweg terug naar het appartement, koopt Paulette nog kruiden om thuis Stifado te kunnen maken.

We drinken op ons balkon nog een kopje koffie, maar Paulette verhuist al snel naar binnen omdat het buiten fris wordt. Ik trek maar even mijn windstopper aan, want ik wil mijn verhaal nog op het balkon afschrijven.

Woensdag 19 juli

Wanneer we vanaf ons balkon naar de bergen kijken deze morgen, zien we grote dikke wolken boven het eiland hangen en het waait enorm hard.

Na het ontbijt willen we een wandeling maken dus ga ik op zoek naar een geschikte plek hier in de buurt. Ik vind Ammoopi en Lakki ten zuiden van Pigadia. Niet zo ver rijden en een strandje genaamd Fokia waar vandaan we kunnen gaan wandelen en we kunnen dan onder de 100 meter hoogtelijn blijven.

Nadat de wandeling getekend en naar de wandelGPS verzonden is kunnen we op weg gaan. Water hebben we bij ons, het brood en beleg kopen we wel na de wandeling in Pigadia.

We vinden weer zonder problemen met behulp van Sygic het genoemde strandje, parkeren daar de auto en waaien dan haast van het strand. We dachten dat het bij het hotel al hard waaide, nou hier waait het nog veel harder. Wanneer we vanaf het strand een stukje over een asfaltweggetje omhoog moeten lopen, lukt het soms even niet om verder te komen doordat we letterlijk terug geblazen worden.

Toch is het een leuke wandeling door de dorpjes Ammoopi en Lakki en terug langs het strand van die plaatsjes. We doen de 9,5 km in ongeveer 2,5 uur, maar zijn dan wel voor het komende jaar uitgewaaid. We rijden terug naar Pigadia, pinnen nog een paar euro, halen brood bij de bakker, beleg bij de supermarkt en zoeken dan een plekje tegen de kademuur bij de locale vissersbootjes.

Omdat het soms echt fris is in de harde wind in de schaduw schuiven we iets verder van de kademuur, dus meer in de zon met onze lichtgewicht stoeltjes.

We eten hier ons brood en genieten van het uitzicht. Op een gegeven moment halen we de stoeltjes uit elkaar, want die gaan in hun foedraal straks in de koffer. We brengen de auto terug naar het verhuurbedrijf, maar daar houden ze siësta. We laten de auto staan en besluiten vanavond de sleutel wel terug te brengen.

Lopend gaan we terug naar ons appartement. We drinken nog een glas cola op ons balkon en gaan dan naar beneden naar het zwembad. Het waait echter zo hard dat het een kunst is om alle spullen bij elkaar te houden. We trekken een paar baantjes, drogen weer op, lezen nog wat, maar de wind maakt het te fris in de schaduw terwijl er grote kans is dat je in de zon levend verbrandt, want we zijn niet ingesmeerd nadat we onze zwemspullen aangetrokken hebben. Kortom we keren terug naar ons appartement. Maar eerst controleren we onze ophaaltijd voor de transfer naar het vliegveld morgenochtend. Als alles volgens plan verloopt worden we rond 8:40 uur opgehaald.

Ik haal de koffers te voorschijn en Paulette begint met het inpakken. Daarna lezen we nog wat en begin ik te schrijven aan ons verhaal van vandaag, totdat het tijd is voor een glaasje.

Ondertussen koop ik via het internet de licentie van de navigatie-app Sygic, omdat het me toch wel een handig hulpmiddel lijkt voor de gevallen dat ik niet over een navigatiesysteem beschik.

Om een uur of zes is zo’n beetje alles weer in de koffers gepakt en gaan wij ons gereed maken voor het laatste diner hier op dit eiland.

Paulette en ik besluiten straks allebei een jasje mee te nemen, want het is niet warm meer door de nog steeds aanwezige harde wind. Een uurtje later lopen we naar Sixt-autoverhuur om de sleutel van de huurauto in te leveren. Daarna door naar restaurant “Ciao” aan de haven. We treffen daar zoals elke keer onze favoriete gastvrouw en krijgen een tafeltje op de eerste rij. Zonder het te hoeven vragen stelt zij voor om een halve liter droge rode wijn en een flesje water te halen voor ons. Of we hebben indruk gemaakt of ze heeft gewoon een goed geheugen. Even later heeft Paulette haar jasje al aan…

Tijdens het eten vraagt Paulette aan onze gastvrouw (een jonge dame van ca. 25 jaar) of ze van Karpathos komt, want volgens Paulette is ze daar te blank voor. Ze lacht en vertelt dat ze zeven jaar geleden vanuit Albanië hier is gekomen en toen gebleven is. Ze blijkt getrouwd en niet meer van plan hier weg te gaan.

Terwijl we zitten te eten valt het ons op dat er mensen staan te wachten bij de aanlegsteiger van de ferry, ook staan er twee vrachtwagens. De ferry is echter in geen velden of wegen te zien.

Even later ziet Paulette hem toch verschijnen. Het is een groot schip dat langzaam dichterbij komt. Het maakt een ruime bocht naar de steiger en doet er dan minuten over om voor de steiger te draaien. Het lossen van het schip is niet zo’n gekkenhuis als op Paros en Naxos (zie het verhaal van Naxos 2011 deel 1,2 en 3), maar verloopt redelijk geruisloos. Maar om het geheel toch te kunnen gadeslaan vanaf onze “eerste rij” bestelt Paulette nog een glas rode wijn. Maar als ook die leeg is, nemen we afscheid van restaurant Ciao. Onze gastvrouw is even uit zicht, maar Paulette spoort haar op tot bijna in de keuken om haar te bedanken. Ze krijgt dan spontaan een knuffel terug.

Daarna trek ik mijn windstopper aan en lopen we voor de laatste keer de weg naar ons appartement.

Nog een bakje koffie, ik schrijf nog een stuk aan mijn verhaal, Paulette is met haar telefoon bezig. Maar even later vinden we het niet aangenaam meer op het balkon. De temperatuur is flink gedaald en het waait nog steeds stevig. We nemen plaats op ons bed en gaan door met onze bezigheden. Daarna nog wat drinken en dan zit de avond er ook weer op.

Paulette zet de wekfunctie van haar telefoon op 7:00 uur zodat we morgen op ons gemak kunnen ontbijten.

Donderdag 20 juli

Natuurlijk zijn we al ruim voor 7:00 uur wakker, blijven nog even liggen, maar zijn toch nog voordat we door de telefoon gewekt worden, uit bed.

We hebben ruim de tijd om te ontbijten maar zitten binnen omdat het nog steeds erg hard waait en Paulette het buiten daardoor te fris vindt.

In het restaurant zien we een Italiaans stel stiekem broodjes in servetten verpakken voor hun lunch. En dan zeggen ze dan Nederlanders zuinig zijn…

Terug in ons appartement nog de tanden poetsen, de laatste zaken in de koffers en dan breng ik ze een voor een naar beneden. Onze handbagage nog grijpen en dan brengen we de sleutel van het appartement naar de receptie. Tijdens het uitchecken spreken we onze gastvrouw en bazin van het geheel voor de tweede keer deze vakantie. We hebben niet echt gebruik gemaakt van haar diensten.

Dan begin het wachten, want het is pas tien over acht en de bus zou ons rond 8:40 uur ophalen voor onze transfer naar de luchthaven. Natuurlijk wordt het nog iets later, maar zijn dan wel de laatsten die opgehaald worden, en kunnen dus direct door naar het vliegveld.

Alles verloopt daar soepel, wel hebben we vooraf aan de begeleiders van Tui gevraagd ons even te helpen met het meekrijgen van de te zware koffer van Paulette zonder extra kosten.

De veiligheidscheck geeft ook geen problemen zodat we al snel in de wachtruimte komen naar de gate.

Om goed elf uur verlaat ons vliegtuig de startbaan. Er zijn veel lege plaatsen die uitnodigen om in gebruik genomen te mogen worden. Zodra het teken “riemen vast” uitgaat, verplaats ik me naar de rij voor me die helemaal leeg is. Na enige aarzeling volgt Paulette ook, want eigenlijk moeten we het eerst vragen. Paulette meldt onze verplaatsing aan een stewardess zodra deze voorbijkomt. En inderdaad hadden we het eigenlijk eerst moeten vragen, maar wij zitten nu lekker ruim en naast elkaar.

De drieënhalf uur durende vlucht vullen we met lezen, lunchen met toastjes met kaas en tomaatjes en het kijken van films die via Netflix op onze telefoons staan.

Op Schiphol moeten we even op onze koffers wachten, maar zijn dan ruim op tijd om de trein van 14:35 uur te nemen. Paps wordt gebeld om te zeggen dan we om even voor half vier in Amersfoort aankomen en rond die tijd zien we de Ford Transit met mijn ouders ook verschijnen aan de achterzijde van het NS-station.

Een half uurtje later worden we thuis afgeleverd. Om onze vakantie op een leuke manier af te sluiten en mijn ouders te bedanken voor het halen en brengen, spreken we af dat we ze vanavond uit eten nemen.