Om half zeven worden we gewekt door de wekkerradio. Paulette stapt en ik rol uit bed.

Wassen, aankleden, de laatste dingetjes voor onderweg opbergen en dan ontbijten. Paulette heeft broodjes afgebakken in de oven en eieren gekookt. Wat een verwennerij!

Tanden poetsen en dan de gele Ortlieb Rackpack (waterdichte tas) met mijn spullen er in, op de motor bevestigen.

Ik zet de auto een stukje naar achteren en de papiercontainer nog even aan de straat zodat hij geleegd kan worden. De motor kan nu ook de garage uit, zodat alle apparatuur, zoals de camera, het Garmin Zumo navigatiesysteem (Zumo) en de smartphone met MyRouteApp Navigation (MRAN), geïnstalleerd kan worden.

Voordat ik het vergeet, maak ik nu eerst een foto van de motor voor Polarsteps, de app die ik vandaag voor het eerst wil gebruiken om mijn volgers op een leuke manier te laten weten waar ik uithang. Dan natuurlijk afscheid nemen van Paulette, die ik de komende dagen zal moeten missen. Ik beloof dat ik voorzichtig zal doen. Nu maar hopen dat de overige weggebruikers dat óók met me zullen doen.

Nu alleen nog mijn gehoorbescherming in, valhelm op en mijn handschoenen aan en wel in die volgorde en dan kan ik rijden. Het is ongeveer tien voor acht uur als ik op weg ga. Eerst Barneveld uit en dan de snelweg A30 richting Ede en vervolgens de A12 richting Oberhausen. Het is fris, zo’n 9 graden, maar daar ben ik op gekleed en ik heb de handvatverwarming op standje één gezet.

Voor de afslag naar Arnhem lees ik in een flits dat de Autobahn 3 (A3) bij Elten afgesloten is! Een stuk verder lees ik het weer op zo’n tekstkar, moet ik de omleiding gaan volgen? Maar dat is via Nijmegen of via Enschede, beide een behoorlijk eind om. Ik waag het er op en besluit straks eventueel maar een stuk binnendoor te gaan rijden. De snelweg naar de grens wordt wel steeds leger, er zijn kennelijk niet veel mensen die de omleiding negeren…

Hoe dichter ik bij Elten kom hoe spannender het wordt, maar gelukkig is er vandaag (vanwege het weekend?) in elk geval geen afsluiting van de Autobahn.

Na een klein anderhalf uur over de snelweg/autobahn geraasd te hebben, ga ik er voor Essen af naar het zuiden. Bij Bredeney rijd ik de afslag voorbij die ik moet hebben, dus drie keer afslaan en ik zit weer op de juiste track. Om kwart over negen zet ik de motor stil bij een bakker in Haarzopf voor een kopje koffie. Het is nog steeds prachtig weer, maar nog niet warm genoeg om mijn windstopper onder mijn motorjas uit te doen. Na een half uurtje rijd ik weer verder naar het zuiden.

Ik rijd op een gegeven moment door het plaatsje Swelm waar ik samen met Paulette in een hotel heb gezeten. Om half twaalf sta ik geparkeerd in Wipperfürth en loop ik het stadje in op zoek naar een leuk terras om iets te drinken. Er is keuze genoeg. Een uur later pak ik de draad weer op en daal verder af naar het zuiden. Mijn windstopper heb ik op het terras uitgetrokken, want de temperatuur stijgt nog steeds.

Een twintig minuten later tank ik de BMW vol in Frielingsdorf, helaas hebben ze hier geen E10 benzine, maar de brandstof is nog altijd een stuk minder duur dan in Nederland.

Verder naar het zuiden, door het Westerwald, door het dorp Ruppichteroth waar we ooit nog bij een motorzaakje op zoek zijn geweest naar waterdichte handschoenen van het merk Rukka.

Even na twee uur rijd ik Altenkirchen binnen, ik vind een mooie parkeerplaats en loop dan verder het stadje in. Ik heb nu wel trek gekregen, maar ik had er even geen rekening mee gehouden dat het zaterdagmiddag is, dus de meeste winkels zijn al gesloten vanwege het begin van het weekend. Ik kan geen bakker vinden die een lekker broodje verkoopt. Dan maar naar de Rewe supermarkt. Daar koop ik een smoothie en twee wraps. In een parkje vind ik een bankje in de schaduw, een prima plek om te lunchen. Maar eerst wat kleding uit, want het is ondertussen lekker warm geworden. Ik rits de waterdichte voering uit mijn jas en die gaat er vandaag ook niet meer in. Ook rits ik alle ventilatieopeningen van mijn broek en jas open.

Een uur later ga ik op weg voor het laatste stuk naar Bad Ems. Ik zou er in principe voor vijf uur moeten kunnen zijn. Vanaf Rodenbach bei Puderbach (tja, zo heet dat dorpje echt), zou ik via Rossbach naar het zuiden moeten rijden, maar helaas is er een Umleitung. Ik volg die omleiding een stukje en sla dan af naar het noorden i.p.v. het zuiden. Na een stukje rijden kom ik tot de ontdekking dat ik de verkeerde kant op ga en keer ik weer om. Via Raubach kom ik dan toch bij Dierdorf weer op de geplande route.

MRAN doet af en toe vreemd en houdt er dan spontaan mee op, nadat de stembegeleiding het ook al niet deed na de laatste pauze. Dan maar verder met de Zumo. Door het gepruts met MRAN rijd ik een zijweg voorbij. Aangezien ik hier niet kan keren moet ik wachten op een rotonde iets verderop, om terug te kunnen keren naar de zijweg die ik moet hebben volgens de route die ik volg.

Ik daal af naar de Rhein bij Bendorf en maak dan een bocht naar het noordoosten en dan weer naar het zuiden om dan ten slotte in Bad Ems aan te komen. Omdat ik nogal eens het hotel dat ik moet hebben voorbij rijd, stop ik even aan de kant van de weg om de exacte naam van het hotel en het adres te checken. Om tien voor vijf, na 360 km, sta ik voor de deur van het hotel, d.w.z. dat probeer ik maar er is geen parkeerruimte. Ik zie een paar sportfietsers staan op het trottoir bij het hotel en besluit mijn motor dan ook maar op het trottoir neer te zetten. Wanneer ik mijn helm afgezet en mijn oordoppen uitgedaan heb, begrijp ik dat één van het aan het inchecken is. Op een bord zie ik staan dan de parkeerruimte achter het hotel is gelegen. Ik moet wachten tot de fietsers wegrijden naar de plek achter het hotel, want het loopt hier iets naar beneden, dus terug kan ik niet meer.

Ik zet mijn helm weer op en rijd achter de fietsers aan. Zij plaatsen hun fietsen in een garage. Aangezien de parkeerplaats uit grind bestaat, rijd ik brutaal achter hen aan de garage in. Zij willen er echter te allen tijde uit kunnen. We schikken de rijwielen zodanig dat ik achteraan sta, zodat iedereen morgen weg kan wanneer hij dat wil.

Daarna haal ik mijn spullen van de motor en loop ik de trap op naar de achteringang van het hotel. Ik kom daar de gastvrouw tegen die denkt dat ik bij de fietsers hoor. Ik vertel haar dat ik alleen ben en dat ik een kamer gereserveerd heb, in dat geval mag ik wachten bij de receptie.

Er blijkt een probleem te zijn, hoewel ik al weken geleden geboekt heb, blijkt het hotel overboekt te zijn. Ik mag kiezen of zij gaat op zoek naar een ander hotel voor mij, of ik maak gebruik van de noodopvang: een piepkleine kamer op zolder, met bijbehorende badkamer op een verdieping lager, maar dan wel voor mij alleen. Ik heb net met pijn en moeite de motor in de garage staan en mijn spullen er afgehaald, dus kies ik voor de noodopvang voor € 25,00 inclusief ontbijt.

Ze moet het nog wel schoonmaken en het campingbed opmaken, maar ik kleed me eerst even om zodat zij haar gang kan gaan.

In een spijkerbroek en op gewone schoenen ga ik even later het stadje Bad Ems verkennen en ga ik op zoek naar een geschikte eetgelegenheid voor mijn avondmaal. Ik inspecteer de eetgelegenheden en daal ook nog af naar de rivier de Lahn om dan tot de conclusie te komen dat ik hoop dat Gasthaus Alt Ems iets fatsoenlijks voor me te eten heeft, want daar ben ik nog niet geweest. Ik vind het even later eenvoudig met hulp van OsmAnd (app met offline digitale Opensource kaart). Het lijkt een goed adres. Wanneer ik binnenloop blijkt het sinds 2005 geheel gerenoveerd te zijn door een nieuwe eigenaar. Ze hebben een tafeltje voor me en ook nog een alcoholvrije Weizen. Een tijdje later komt mijn avondeten en zit ik heerlijk te eten.

Na afgerekend te hebben, keer ik terug naar Hotel Prinz Eitel. Ik pak mijn laptop en schrijf mijn verhaal. Ik heb echter geen wifi-code, dus maak ik van mijn telefoon een hotspot om het een en ander op mijn website te krijgen.